Emissies verlagen met monomestvergister in Wijnjewoude

Minister Adema van LNV toonde zich tijdens een werkbezoek aan Wijnjewoude (Friesland) enthousiast over het plan van een groep melkveehouders die een monomestvergister willen bouwen. Hij bezocht de initiatienemers van het Groengasplan ‘De Friese Drieslag’ van energiecoöperatie WEN (Wijnjewoude Energie Neutraal). Adema gaf aan dat hij zich wil inzetten voor financiële ondersteuning van het project. In het project werken 26 melkveehouders aan drie opgaven: minder methaan (uit mest), minder ammoniak in de stal en bijdragen aan minder CO2-uitstoot door de productie van ‘groen gas’. Dit bereiken ze door drijfmest dagelijks uit de stal te verwijderen. Na een korte opslagtijd wordt de mest vergist en het digestaat gestript. Zo worden de melkveehouders, ook zonder derogatie, grondgebonden. Ze hoeven geen mest af te voeren.

Door het aanleggen van nieuwe stalvloeren en het bouwen van een monomestvergister kan ook de stikstofuitstoot verminderen. Een gemiddelde melkveehouderij in Nederland kan op deze manier verdienen aan mestvergisting én bijdragen aan de groen gas ambitie. Wageningen Livestock Research geeft na modelmatig onderzoek aan dat de 26 deelnemers over de gehele mestverwerkingsketen een ammoniakreductie kunnen behalen tussen de 30 en 62%. Emissies van broeikasgassen uit mest, met name methaan, kunnen worden gereduceerd tot circa 78%. Met het centraal vergisten van mest en het opwerken naar groengas kan voor 1786 ton aan CO2-emissie worden voorkomen. Indien in de toekomst RENURE (Recoverd Nitrogen form manURE) meststoffen ingezet mogen worden als kunstmest, kan een kunstmestbesparing van 160 ton per jaar worden behaald. RENURE zijn stikstofhoudende meststoffen die gewonnen worden uit dierlijke mest, of digestaat waar dierlijke mest voor is gebruikt. Het project draagt dus op meerdere terreinen bij aan reductie van emissies.

Lees meer over dit project op de website van WEN en over de onderzoeksresultaten op de website van WUR.