Wetenschap kritisch over provinciale gebiedsplannen

De provinciale plannen om de negatieve effecten van stikstofneerslag op de natuur terug te dringen, zijn recent beoordeeld door een aantal wetenschappelijke organisaties. De plannen, die de provincies voor 1 juli 2023 bij minister Christianne van der Wal (Natuur en Stikstof) moesten inleveren zijn beoordeeld door het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL), Wageningen Universiteit, Deltares en het RIVM. Hun gezamenlijke oordeel is kritisch: ‘Het realiseren van de doelen in 2027, 2030 of 2035 betekent niet alleen een ongekende uitvoeringsopgave voor het landelijk gebied, maar vraagt ook om een ongekend hoog tempo waarin die opgave gerealiseerd moet worden. Gezien de omvang van de opgave en het tempo waarin die geklaard moet worden, is het halen van de doelen binnen de gestelde termijnen niet plausibel.’

Deze plannen moeten, samen met uitkoop van boeren, leiden tot het halen van de natuurdoelen. De voorgestelde stikstofaanpak van de provincies is volgens de onderzoekers te veel gebaseerd op onrealistische theoretische aannames. De provincies vertrouwen te veel op technische maatregelen die in veel gevallen nog in de experimentele fase verkeren. De mate van effectiviteit moet nog blijken.

Verder zijn de kosten voor de provinciale plannen (meer dan 58 miljard euro) veel hoger dan het beschikbare budget (24,3 miljard euro). Bovendien bevatten de provinciale plannen structurele subsidies (voor bijvoorbeeld landschapsbeheer en duurzamere bedrijfsvoering) terwijl hiervoor nog geen financiering geregeld is. Zorgen zijn er ook voor rechtsongelijkheid als er voor vergelijkbare maatregelen door provincies verschillende vergoedingen worden gegeven.

Het gehele rapport is te lezen op de website van PBL.